1. Architectuur & Duurzaamheid

Maandag 8 april 2013 vond de eerste editie van Het Architectuurgesprek plaats. Het Architectuurgesprek is een nieuw initiatief van de Stichting Architectuurcentrum Veenendaal. De eerste editie met als thema ‘architectuur & duurzaamheid’ werd georganiseerd in samenwerking met IW4 en ACV-Groep.

ARCHITECTUUR & DUURZAAMHEID
Op locatie bij het Afbalbrengstation aan de Wageningselaan, duurzaam en onder architectuur tot stand gekomen, kwamen de genodigden bijeen om deel te nemen aan de eerste editie van Het Architectuurgesprek. Dit keer was het thema ‘architectuur & duurzaamheid. Na een hartelijk welkom door Wouter Koenderman (directeur ACV-Groep) volgde een rondleiding over het Afvalbrengstation.  Binnen kreeg het gezelschap vervolgens een inhoudelijke introductie op het onderwerp door architect Michel Richter (Mies Architectuur). Na deze inhoudelijke introductie met voorbeelden van architectuur en duurzaamheid, werd het gesprek gevoerd over het begrip duurzaamheid. Wat houdt het begrip duurzaamheid tegenwoordig in en wat is duurzame architectuur eigenlijk? Het begrip duurzaamheid blijkt moeilijk te duiden, hangt vaak af van het budget en de wensen van de opdrachtgever en dient niet altijd objectmatig te worden benaderd, maar integraal, gebiedsgericht en met andere professies en vakgebieden. Kortom, een boeiend gesprek dat met ieders interessante bijdrage genoeg stof biedt tot nadenken.

VERSLAG – HET ARCHITECTUURGESPREK
Michel Richter (MIES architectuur, Ede) presenteert vanuit de themagedachte ‘architectuur en duurzaamheid’ zijn ontwerp voor het entreegebouw van het Afvalbrengstation van ACV in Veenendaal. Daarnaast  passeren nog een vijftal andere projecten de revue. Mies Architectuur, voortgekomen uit VDH architecten, heeft bewust gekozen voor de naam architectuur in plaats van architecten, iedere werknemer binnen het bedrijf bedrijft immers architectuur.

DE OPGAVE IN VEENENDAAL
De opgave in Veenendaal was: maak een opvallend en duurzaam afvalbrengstation met een echte, uitnodigende entree op een zichtlocatie aan de Wageningselaan. Naast een pakket van eisen en wensen ten aanzien van gebouw en terrein was het voor Michel Richter de uitdaging om met architectuur bezig te zijn op deze plek. Zo heeft hij gekozen voor een poortgebouw op de kop van het terrein, direct zichtbaar vanaf de Wageningselaan
en het ontwerp is een uitwerking van een ‘geabstraheerde hand met een groene arm’. Dit thema komt in de eerste schetsen al naar voren en leidt in de uitwerking tot een organisch vormgegeven gebouw waarin weinig rechte hoeken zijn te ontdekken. Om hier mee te kunnen werken in de praktijk is alles uitgewerkt in 3D-modellen. Het programma past mooi in de hand en de arm en opvallend is het verhoogde kantoorgedeelte in de poort. Functioneel gezien wordt van daar uit het proces beheerst. Om in het proces duurzaamheid te koppelen aan architectuur is best lastig zegt Michel heel eerlijk. Want waar begin je en waar eindig je. Verder is het belangrijk dat de duurzame maatregelen in het budget passen en er een opdrachtgever is die daarvoor wil betalen. Bij het Afvalbrengstation is getracht om duurzaamheid zo goed mogelijk in te vullen.

Zo is er sprake van:
–          Prefab beton met puingranulaat
–          Verduurzaamd Accoya houten planken [ 6 km !]
–          Sedumdak
–          WKO (Warmte-Koude opslag)
–          PV
–          LED-verlichting binnen en buiten
–          Grote oversteek gebouw aan de zuidzijde
–          Geïntegreerde zonnepanelen

Door een gezamenlijke inspanning van opdrachtgever, architect en bouwer is er uiteindelijk  in Veenendaal een  ‘Diamant van Hout’  ontstaan . Een fraai , functioneel en energiezuinig gebouw waarmee wordt aangetoond dat  architectuur wel degelijk kan bijdragen aan duurzaamheid en schoonheid.

HET GESPREK
Na inhoudelijke bijdrage van Michel Richter volgde het gesprek waarin verder werd ingegaan op het begrip duurzaamheid in het bouwproces. Een eerste vraag die naar voren kwam was ‘wat is duurzaamheid eigenlijk? Waar ligt de grens bij duurzaamheid?’ Het begrip duurzaamheid blijkt lastig te duiden, omdat er tegenwoordig zoveel onder wordt verstaan. Zijn de extra investeringen wel verantwoord? En hoe snel kan de gebruiker deze terug verdienen? De meningen hierover waren verdeeld. Er zijn hele goede ervaringen met bijvoorbeeld WKO, maar ook hele moeizame. De gebruiker dient bij een ‘duurzaam gebouw’ ook gemotiveerd te zijn om het op de juiste wijze te gebruiken, bij te stellen en te blijven gebruiken. Tevens kwam in de discussie naar voren dat duurzaamheid geen ‘sausje’ mag worden of zijn. ‘Dan ga je aan het doel voorbij’.

Het gesprek ging ook in op de kennis omtrent duurzaamheid in de architectuur. Heeft een architect eigenlijk wel genoeg verstand van duurzaamheid of heb je per definitie een goed en deskundig bouwteam nodig om binnen budget een optimale situatie te bereiken?  Ook hier kwam weer naar voren dat een bouwteam waarin de gehele bouwketen vanaf het begin betrokken is, eigenlijk altijd de voorkeur verdient. Mede omdat het bouwproces hierdoor beter loopt en er minder faalkosten zijn [ lees verspilling van materialen en energie]. Ook merken enkele aanwezigen op dat veel gebouwen die op dit moment te boek staan als ‘zeer duurzaam’ soms volledig blijken te falen. ‘Over de fouten hoor je echter niemand’. Het zou daarom goed zijn om niet alleen met lovende woorden te spreken over duurzaamheid in de architectuur, maar ook om overzichtelijk te maken welke fouten er waar gemaakt zijn. Fouten om van te leren.

Daarnaast is duurzaamheid niet iets wat zich beperkt tot objectniveau. Hoe gaan we om met duurzaamheid in de stedenbouwkundige opgave?  Op dit moment zijn er de zogenaamde Krimpgebieden en gebieden waar juist wordt gewerkt aan verdichting. In beide werkvelden speelt duurzaamheid een belangrijke rol en kan het richting geven aan de gebouwen welke ontstaan c.q worden omgevormd in een bepaald gebied. Duurzaamheid gaat daarbij niet alleen over energie en energiebronnen, maar ook om het vinden van oplossingen voor maatschappelijke tendensen en ontwikkelingen. Daarnaast zal ook ruimtelijk bijvoorbeeld de waterhuishouding in gebieden een opgave zijn voor zowel stedenbouw als architectuur.

Alles draait uiteindelijk om de visie die er is op de samenleving. Is de wil van onderuit aanwezig om met elkaar duurzaam te leven en te handelen? Zo ja , hoe ga je er dan mee om? De inbreng van ACV aan het einde van de bijeenkomst maakte het gebrek aan visie nogmaals pijnlijk duidelijk aan de hand van de inhoud van een gemiddelde vuilcontainer.

In een huishoudelijke container zit anno 2013:
GFT                        36 %
Oud papier          20 %
Kunststof             15 %
Luiers                    5,3 %
Glas                       4,7 %
Metaal                 4,5 %
Kleding                 4,1 %
Overig                   11 %

Er is dus nog veel te doen . Zowel in het terugwinnen van reststoffen  als in de motivatie van de gebruikers om duurzaam te handelen en te leven. Juist in dat kader is het van groot belang dat de architectuur het voorbeeld geeft en de bewustwording van onze verantwoordelijkheid  stimuleert.

Met dank aan Wim van Ginkel (bestuurslid) voor het verslag.

Bekijk hieronder het fotoverslag:

 

 

Reacties zijn gesloten.

Twitter